Op 11 september jongstleden stonden we samen met een aantal van onze partners en de vier andere Filomena-vestigingen (in oprichting) stil bij vijf jaar inloopspreekuur. Tijdens een feestelijke bijeenkomst blikten we terug op waar we vijf jaar geleden begonnen, wat we onderweg hebben geleerd en wat deze laagdrempelige werkwijze heeft betekend voor de verdere ontwikkeling van Filomena.
Tanya Hoogwerf, directeur van Filomena, nam de aanwezigen mee terug naar het begin. Filomena ontstond vanuit de noodzaak om de ondersteuning bij ernstig huiselijk geweld anders te organiseren. Vanuit Veilig Thuis werd gezien hoe mensen die bescherming nodig hadden te maken kregen met verschillende organisaties en loketten, terwijl juist op zo’n moment behoefte is aan één plek waar wordt geluisterd en gehandeld. Binnen Filomena werden daarom verschillende Beschermpartners fysiek bij elkaar gebracht.
Dat vroeg in de beginjaren om pionieren, vertelde Tanya. Om enthousiasme en bestuurlijke moed, maar soms ook om buiten de bestaande lijntjes te durven kleuren. Inmiddels hebben honderden mensen hun weg naar Filomena gevonden. Voor Tanya zit de betekenis daarvan vooral in de verhalen van de mensen zelf en het verschil dat Filomena in hun leven heeft kunnen maken.
Ze sprak daarbij met veel trots over het team dat zich daar iedere dag voor inzet. Maar, benadrukte ze, Filomena kan alleen bestaan dankzij de samenwerking met alle betrokken partners. “Zonder partners zijn we niks. Filomena is van de keten, van de ketenpartners. Het is ons succes.”
Vijf jaar inloopspreekuur is daarmee een bijzondere mijlpaal, maar geen eindpunt. De ambitie voor de komende jaren is groot. Tanya sprak de hoop uit dat we over vijf jaar opnieuw een belangrijke mijlpaal kunnen vieren: dat de Filomena-aanpak landelijk is uitgerold. Om die volgende stap mogelijk te maken, is ook passende, structurele landelijke financiering nodig. “We zijn nog lang niet uitgedroomd. We gaan door.”
Samen verder in de Strategische Filomena-alliantie
Een belangrijke stap in de landelijke ontwikkeling van Filomena is de Strategische Filomena-alliantie. Naast Rotterdam-Rijnmond is inmiddels ook in Groningen, Tilburg en Amsterdam-Amstelland een Filomena opgericht. Ook Den Haag werkt momenteel toe naar de opening van een Filomena. Daarmee krijgt de ambitie om de Filomena-aanpak op steeds meer plekken beschikbaar te maken steeds concreter vorm.
De Haagse wethouder Zorg en Welzijn, Ralf Sluijs, vertelde tijdens de bijeenkomst over de ambitie om ook in Den Haag een Filomena te openen. Ook daar is dagelijks zichtbaar welke impact huiselijk geweld heeft en hoe belangrijk het is dat mensen in een ernstige of levensbedreigende situatie niet langs verschillende loketten hoeven om passende bescherming en ondersteuning te vinden. Hij benadrukte daarbij waar het uiteindelijk om draait: “Uiteindelijk gaat het niet om gebouwen, organisaties of handtekeningen, maar om […] die moeten kunnen leven zonder angst.”
Juist nu Filomena groeit, wordt het steeds belangrijker om gezamenlijk op te trekken en te bewaken waar de aanpak voor staat. Daarom vond tijdens de bijeenkomst de eerste bekrachtiging van de Strategische Filomena-alliantie plaats. Vertegenwoordigers van Rotterdam-Rijnmond, Groningen, Amsterdam-Amstelland en Den Haag spraken ieder hun ambitie uit en zetten vervolgens gezamenlijk hun handtekening. Tilburg zal snel volgen.
Met die ondertekening spreken de vijf regio’s hun commitment uit om samen te werken aan een herkenbare en kwalitatief sterke Filomena-aanpak. Door kennis en ervaringen te delen, van elkaar te leren en gezamenlijk verder te ontwikkelen, bouwen de regio’s niet alleen aan Filomena in hun eigen gebied, maar ook aan een sterke landelijke basis voor de aanpak.
Onderzoek naar wat succesvol ingrijpen mogelijk maakt
Naast terugkijken en vooruitkijken stond tijdens de bijeenkomst ook de inhoudelijke ontwikkeling van de aanpak centraal. Filomena vindt het belangrijk om niet alleen vanuit de praktijk te ervaren wat werkt, maar ook steeds beter te begrijpen en onderbouwen waarom bepaalde manieren van ingrijpen succesvol zijn. Marieke Liem, hoogleraar Veiligheid en Interventies aan de Universiteit Leiden, presenteerde daarom vast een tipje van de sluier van de resultaten van haar onderzoek naar succesfactoren bij het ingrijpen bij ernstig partnergeweld.
Aan de Universiteit Leiden wordt met de femicidemonitor onderzoek gedaan naar fataal geweld waarbij vrouwen slachtoffer zijn geworden. Op basis van deze gegevens ontstaat steeds meer kennis over de aard en omvang van dodelijk geweld en over wat daaraan voorafgaat. Vanuit die kennis ontstond samen met samenwerkingspartners, waaronder Filomena, een andere vraag: wat kunnen we leren van situaties van ernstig geweld waarin wél op tijd kon worden ingegrepen? Voor het onderzoek zijn onder meer diepte-interviews gehouden met mensen die ernstig geweld hebben meegemaakt en zijn verschillende casussen bestudeerd.
De resultaten richten zich voornamelijk op de rol van hulpverleners en, in sommige gevallen, omstanders. Daarbij benadrukte Liem dat succesvol ingrijpen meestal niet aan één afzonderlijke factor is toe te schrijven, maar juist aan een combinatie van factoren. Negen succesfactoren komen naar voren: erkennen en benoemen, oordeel-loos reageren, fysieke nabijheid, concrete handelingen, vasthouden tot het veilig is, handelen binnen de eigen regio, passend vocabulaire, cultuursensitief werken en institutioneel wantrouwen wegnemen.
De factoren laten zien dat succesvol ingrijpen niet alleen draait om wat professionals doen, maar ook om hoe zij naast iemand staan: geweld durven benoemen, zonder oordeel reageren, aansluiten bij degene die tegenover je zit én daadwerkelijk handelen en betrokken blijven totdat er veiligheid is. Het onderzoek loopt nog en de onderzoekers hopen het in de toekomst op grotere schaal voort te zetten. De inzichten die er nu liggen, bieden waardevolle aanknopingspunten om beter te begrijpen wat bijdraagt aan succesvolle bescherming. Door deze kennis te verbinden met de dagelijkse praktijk kunnen we de Filomena-aanpak verder ontwikkelen en steeds beter onderbouwen wat werkt, voor wie en waarom.
Op naar de volgende fase
Zo markeerde de bijeenkomst niet alleen vijf jaar inloopspreekuur, maar vooral ook het begin van een volgende fase. Een fase waarin we voortbouwen op wat de afgelopen jaren samen met onze partners is ontwikkeld, waarin Filomena groeit naar nieuwe regio’s en waarin we blijven onderzoeken en leren wat nodig is om mensen die te maken hebben met ernstig huiselijk geweld zo goed mogelijk te beschermen.
De dag werd gezamenlijk afgesloten met een borrel, waarbij we het glas hieven op vijf jaar inloopspreekuur én op de volgende fase van Filomena.



